De Huberti-schenking. Kunstwerken voor de VST-collectie en inspiratie voor verder speurwerk.
Inleiding
Begin dit jaar ontving onze vereniging een email van een zekere mevrouw Catherine Huberti met de vraag of we misschien interesse hadden in een aantal werken van haar overovergrootvader, de schilder Edouard Huberti. Het gebeurt natuurlijk niet elke dag dat een nakomeling van een belangrijke figuur uit de School van Tervuren met ons contact opneemt, dus de interesse was méér dan gewekt! Na een eerste telefonisch contact werd er afgesproken om elkaar te ontmoeten bij hen thuis te Oudergem begin februari. Als relatief nieuw Bestuurslid van de Vrienden van de School van Tervuren, maakte ik me de bedenking dat er zich een mooie gelegenheid aanbood om mij te gaan verdiepen in het leven van de schilder die door Herman De Vilder steevast de “Dichter met penseel” genoemd wordt. Stilletjes begon ook de hoop te groeien dat er misschien nog brieven of andere persoonlijke spullen bewaard waren gebleven, en dat deze ons misschien tot nieuwe inzichten en ontdekkingen zouden kunnen leiden. In vroege jaargangen van Melijn is veelvuldig gepubliceerd geweest over E. Huberti[i], en ter gelegenheid van de tentoonstelling rond Huberti in het Hof van Melijn in 2010 werd een uit de kluiten gewassen catalogus uitgegeven boordevol interessante informatie[ii]. Deze catalogus is trouwens nog beschikbaar en te bestellen via de website www.vriendensvt.be. Er was dus een ideale startbasis voor iemand zoals ikzelf wiens kennis van Edouard Huberti zich beperkt tot enkele van zijn meest bekende werken zoals "Kasteelvijver in de Warande te Tervuren".
Hoe meer ik las, hoe meer ik geboeid raakte door deze fascinerende persoon, hoogst intelligent en vervuld van romantiek, maar ook schuchter, teruggetrokken en constant twijfelend aan zichzelf. De schenking leverde dus niet enkel kunstwerken op voor onze collectie, ze is ook de directe aanleiding geweest van de hernieuwde interesse en het onderzoek waarvan we in dit artikel de eerste bescheiden resultaten presenteren. Het speurwerk zal zeker nog ettelijke maanden verder lopen, dus bij deze een warme oproep om zeker contact op te nemen als u over informatie beschikt, een idee of een vraag heeft, of gewoon eens wil van gedachten wisselen over dit onderzoek. Contact opnemen kan via www.vriendensvt.be , via onze Facebook pagina @vriendensvt of door gewoon even te bellen[iii].
Edouard Huberti (1818 – 1880) in een notendop
Edouard Huberti werd geboren in Brussel in 1818. Na het middelbaar koos hij voor een architectenopleiding in Antwerpen en later een muzikale opleiding (zang/viool) in Parijs en Brussel. Tussen 1840 en 1860 was hij professioneel actief in Brussel als muziekleraar, koordirigent en componist. Huberti was echter ook een getalenteerd tekenaar en werd reeds vanaf 1847 aangezocht om tekeningen te leveren voor kranten en tijdschrijften. Onder impuls van zijn vriend T. Fourmois (1814-1871) richtte hij zich vanaf 1860 voltijds op de schilderskunst en vervoegde in Tervuren de daar ontstane groep openluchtschilders. De weidse vlakten en horizonten van de Kempen genoten echter zijn voorkeur en daar was hij na enkele jaren dan ook het vaakst actief. Edouard Huberti was een rustige, bescheiden persoon die vooral in zijn laatste levensjaren gebukt ging onder een alsmaar erger wordende zwaarmoedigheid. Hij onderhield een jarenlange briefwisseling met zijn nicht Marie Belpaire (1853-1948), een Vlaamse schrijfster en belangrijk figuur binnen de Vlaamse Beweging. Samen met zijn vrouw Hélène Dartevelle heeft hij twee zonen op de wereld gezet die beiden ook een mooie carrière hebben uitgebouwd, Gustave als componist en Alphonse als ingenieur en Professor aan de ULB.
De overhandiging van de schenking ten huize Huberti
Op zondag 9 februari was het eindelijk zover en begaf ik mij enthousiast op weg naar Oudergem. Onderweg flitsten alle brokken informatie die ik over Edouard Huberti had gelezen kriskras door mijn hoofd. Best wel spannend, zo’n schenking in ontvangst gaan nemen! Ter plaatse werd ik zeer hartelijk ontvangen door mevrouw Catherine Huberti en haar man die me stonden op te wachten in de inkomhal van hun appartement. Deze ruimte bleek ingericht te zijn als kunstkamer met verschillende rijen schilderijen boven elkaar. Meer dan 15 werken die allen duidelijk van de hand waren van, u raadt het al, de meester zelve uiteraard, Edouard Huberti. Mevrouw Huberti merkte mijn verwonderde blik richting de muren op en zei meteen al lachend “Dat is niet de schenking hoor, uw dozen staan daar!”. Die twee dozen bleken uiteindelijk zo’n 42 werken van klein formaat te bevatten, alsook een tentoonstellingscatalogus (Charlier Museum, 1984) en een authentieke schetsmap van E. Huberti.
Mevr Huberti vertelde me dat ze een afstammeling is van Gustave Huberti (1843-1910), de muzikale zoon die internationale faam verwierf als componist en dirigent. Gustave was dus haar overgrootvader. Zijn zoon, Henry Huberti (1893-1949), had drie zussen en was blijkbaar een laat “accidentje” dat ter wereld is gekomen na een onopgemerkte zwangerschap. Zijn jongste zus was 13 jaar ouder en de drie zussen bleven kinderloos. Het heeft dus niet veel gescheeld of de tak van Gustave Huberti was daar en dan al na één generatie uitgestorven! Henry Huberti trouwde met Elisabeth Wuillot, zelf een afstammeling van de familie Vanderborght (bekend van het fenomenale Vanderborghtgebouw in de Schildknaapsstraat, de voormalige thuisbasis van het Dexia Art Center en sinds 2012 eigendom van de Stad Brussel). Zij kregen twee kinderen, Claude Huberti (1923-1989) en Nelly Huberti (1920-2003). Nelly Huberti verloor haar verloofde in de oorlog en bleef ongetrouwd. Via hun vader Claude Huberti belanden we zo uiteindelijk Catherine Huberti en haar broer Yves Huberti (1949-1992). Ze hebben beiden kinderen en hun vader Claude Huberti hertrouwde en ook met die kant van de familie is er nog contact.
Mevr. Huberti zei ook dat er verder geen documenten, persoonlijke spullen of dergelijke bewaard waren gebleven binnen de familie. Er zouden wel nog ergens partituren van Edouard Huberti moeten liggen - daar wordt naar gezocht -, en de familie bezit ook nog een heel aantal mooie schilderijen zoals duidelijk werd bij het binnen komen. We hebben afgesproken om deze werken te fotograferen en inventariseren van zodra de omstandigheden het toelaten. Langs deze weg willen we Mevr. Huberti en haar man nogmaals hartelijk danken voor deze schenking en het vertrouwen in onze Vereniging. Wij stellen alles in het werk om dit legaat in optimale omstandigheden te bewaren en blijvend onder de aandacht te brengen als onderdeel van onze collectie.
De dozen van Huberti geven hun geheimen prijs
De dag na het bezoek werd de inhoud van de dozen zorgvuldig uitgestald op tafels in de pop-up ruimte Au fond du bois, een ideale opstelling voor het inventariseerwerk dat volgde. Verschillende bestuursleden kwamen een handje toesteken en elk werk werd zorgvuldig nagemeten, beschreven en gefotografeerd. De werken tonen landschappen die vrijwel allemaal in de Kempen te situeren zijn. Een duidelijke link tussen een werk en Tervuren hebben we niet gevonden, maar dat was niet echt een verrassing want we weten dat E. Huberti de weidse vlakten veel poëtischer en interessanter vond dan het dicht beboste gebied rond Tervuren. Onder de werken bevinden zich zowel aquarellen, olieverfschilderijen op doek en paneel, potloodtekeningen alsook een pentekening. Er zijn ook twee hele kleine stillevens van bloemen, iets waar E. Huberti zich in zijn laatste levensjaren op toelegde toen hij een teruggetrokken leven leidde en vaak in een neerslachtige bui was. In deze werkjes voel je de depressieve gevoelens doorsijpelen en is er nog bitter weinig te merken van het poëtische plezier waarmee hij schilderde in open lucht
In de doos vonden we ook een originele affiche en de tentoonstellingscatalogus van het Charlier Museum in St-Joost-ten-Noode waar in 1984 een retrospectieve rond E. Hubert plaatsvond. Ook de uitnodiging zelf voor de vernissage en expo is bewaard gebleven. En tenslotte een hele leuke verrassing: een authentieke en duidelijk veelvuldig gebruikte schetsmap van E. Huberti.
Op onderzoek in digitale archieven
De brieven, verhalen, documenten en dergelijke waar we stilletjes op hoopten zijn dus spijtig genoeg niet (meer) beschikbaar binnen de familie. Dus waar te beginnen met verder onderzoek? Ik dacht het eenvoudig te houden en te beginnen bij het begin: de geboorte. Met de vriendelijke hulp van een bediende bij het Rijksarchief hebben we na enig speurwerk in een online te raadplegen database van de Mormonen de geboorteakte van Huberti teruggevonden[iv], of beter gezegd van Jules Joseph Edouard Huberti, zoals zijn volledige naam luidt.
Aan het begin van de derde regel zien we de geboortedatum staan: 7 januari 1818. Dit was de eerste, maar zeker niet de laatste keer dat de wenkbrauwen fronsten. Het is namelijk zo dat overal vermeld staat dat Huberti geboren is op 6 januari 1818, maar dat blijkt dus niet correct te zijn. Een eerste ontdekking! Toegegeven, we gaan er de kunstgeschiedenis niet mee herschrijven, maar het smaakt naar meer. En de volgende verrassing laat niet lang op zich wachten want net daaronder lezen we: “Le sexe de l’enfant a été reconnu être féminin”. Vreemd! Dergelijke inschrijving is toch een vrij formele gebeurtenis. Vader, moeder, twee getuigen en een ambtenaar van de stad Brussel zijn aanwezig, het is 15h in de namiddag, en toch ondertekenen zij allen zonder verpinken de officiële akte die Edouard Huberti als vrouwelijk kind het leven instuurt. We weten uiteraard dat Edouard Huberti voor een nageslacht heeft gezorgd, dus hier moet iets anders aan de hand zijn. Navraag bij het Rijksarchief leverde de meest plausibele verklaring op: een valse verklaring gelinkt aan de militaire dienstplicht. Ongeveer een jaar voordien, op 8 januari 1817, was de Wet der Nationale Militie in voege getreden die de militaire dienstplicht regelde en voorzag in een systeem van loting om te bepalen wie naar het leger moest. Er was veel weerstand en oproer tegen de dienstplicht in de periode dat Huberti geboren werd, dus deze vorm van “geslachtsfraude” past perfect binnen dit plaatje. Een mooi voorbeeld van “buiten de lijntjes kleuren”, in deze streken sinds jaar en dag een nationale hobby.
Overlijden
De volgende stap in het onderzoek leek mij logisch, de overlijdensakte. Zo zijn begin en einde helder afgebakend en kunnen we ons daarna focussen op het leven ertussenin.
Op de overlijdensakte komt de datum wel overeen met eerdere publicaties: 12 juni 1880, op 62-jarige leeftijd. Ongeveer in het midden staat geschreven : « … le douze juin courant, à deux heures de relevé, en cette commune, en son domicile, Rue Rogier numéro deux cent soixante-six, est décédé Jules Joseph Edouard Huberti, artiste peintre, Chevalier de l’Ordre de Léopold, … ».
Laten we met dat laatste beginnen, want dat moet voor E. Huberti een bijzonder heuglijke gebeurtenis geweest zijn. Hij die, ondanks de lofbetuigingen en internationale roem, nooit prijzen won op de Salons, en die tot op het einde stilletjes bleef hunkeren naar erkenning, ontving in zijn laatste levensjaren de belangrijke en hoogste Belgische onderscheiding, de titel van Ridder in de Leopoldsorde. Van zijn zoon Gustave Huberti, die vrij grote faam verwierf als beroepscomponist, is geweten dat hij de titel van Ridder in de Leopoldsorde heeft ontvangen in 1906, maar van de titel van zijn vader E. Huberti hadden we enkel nog maar een melding gelezen in een kort krantenartikel dat na zijn dood gepubliceerd werd. Maar het klopt, want hier staat het zwart op wit op de overlijdensakte.
Een ander interessant punt is het domicilieadres, Rogierstraat 266 in Schaarbeek. Zoals eerder aangegeven weten we dat zijn zoon Alphonse in dit huis is blijven wonen en dat er in 1914 nog melding is gemaakt van de aanwezigheid van één of meerdere muurschilderingen van de hand van E. Huberti. Onze archieven vermelden echter een ander adres, namelijk Rogierstraat 253. Zou het kunnen dat op het andere adres met nr 266, nu zo’n ruime honderd jaar later, deze muurschilderingen nog steeds aanwezig zijn? De kans is klein, maar zeker niet onbestaande! Vol goede hoop om een échte ontdekking te doen, sprong ik in de wagen richting Schaarbeek, met een brief voor de bewoners op zak. Een essentiële verplaatsing, althans in het kader van dit onderzoek! Ter plekke wordt al snel duidelijk dat het terugvinden van deze muurschildering(en) minstens nog een tijdje zal moeten worden uitgesteld. Rogierstraat 266 bestaat de dag van vandaag simpelweg niet meer als adres. Vroeger was er slechts één straat, maar tegenwoordig hebben we een “laan/avenue”, van Meiser tot op het kruispunt met de Haachtsesteenweg, en dan een kort stukje “straat/rue”, van de Haachtsesteenweg tot aan de Aarschotstraat. Met hulp van het Kadaster en de Dienst Patrimonium van Schaarbeek zullen we naar verwachting vrij snel de exacte locatie kunnen achterhalen, dus wie weet kunnen we in de volgende editie van Melijn uitpakken met deze muurschilderingen, of definitief besluiten dat ze de tand des tijds niet hebben doorstaan. Dankzij de opzoekingen over de Rogierstraat is verder ook duidelijk geworden dat er in deze straat heel wat artiesten/schilders woonden. Zo telt de catalogus van de “Exposition Internationale d'Amsterdam” in 1883 zomaar liefst 8 inwoners van de Rogierstraat inclusief E. Huberti, op een totaal van 200 internationale artiesten[i]. Leest u even mee: Charles BRUNIN, Rogierstraat, nr. 273 - Constantin GABRIEL, nr. 331 - Henri DE BEUL, nr. 118 - Alexis NYS, nr. 365 - François VAN DAMME, nr. 20 - Emmanuel VAN DEN BUSSCHE, nr. 247 - G.A. LANNEAU, nr. 279. En dit zijn enkel de artiesten die aan bod kwamen op deze internationale tentoonstelling in Amsterdam. Het lijkt er sterk op dat rond die periode heel wat kunstenaars van allerlei pluimage in elkaars buurt woonden in de Rogierstraat, duidelijk een artistieke hotspot in de 2e helft van de 19e eeuw!
Verder onderzoek en publicaties
Voor het vervolg van het onderzoek gaan we ons focussen op de volgende onderwerpen: de briefwisseling tussen E. Huberti en zijn nicht Marie Belpaire, het lokaliseren van het ouderlijk huis in Schaarbeek en het verder uitspitten van een opmerkelijk jaar in E. Huberti’s leven (tussen 1840 en 1841) waarin de vader Joseph Huberti een belangrijke rol speelt. Wat er in die periode juist gebeurd is, sparen we voor de volgende editie van Melijn waarin we het tweede deel van deze reeks zullen publiceren. Als we in tussentijd nog interessante zaken ontdekken, zullen we daar zeker ook melding van maken op onze Facebook pagina @vriendensvt.
[i] Melijn jaargang 1988 nr.2: deel 1, nr.3: deel 2, nr.4: deel 3; jaargang 1989 nr. 1: deel 4, nr. 3: deel 5, nr.4: deel 6, jaargang 1990 nr.1: deel 7, 1990 nr. 3: deel 8, nr. 4: deel 9
[ii] Edouard HUBERTI (1818-1880) aan de eer (met cat. van tentoonstelling in Hof van Melijn, Tervuren, 27/03– 27/09, 2010) (8€ / 4€) Auteur : Herman De Vilder, 2010.
[iii] Contactpersoon: Thierry Dubois, 0486/844 098
[iv] Digitaal beschikbaar in het online archief van de Mormonen: https://www.familysearch.org/ark:/61903/3:1:S3HY-DTPQ-GZ2?i=16&cc=1482191&cat=147201
https://archive.org/stream/catalogueofficielde00expo/catalogueofficielde00expo_djvu.txt